De Suffolk handel in het Verenigd Koninkrijk

Sales

Zoals wij allemaal waarschijnlijk wel weten zijn onze mooie Suffolks geen Nederlands ras. Ze komen oorspronkelijk uit het Verenigd Koninkrijk waar ze erg veel gehouden worden. Net als veel andere rassen en diersoorten worden de Suffolks daar veel verkocht via veilingen. Deze ‘sales’ zijn een ware belevenis. De dieren worden tot in de puntjes verzorgd en klaar gemaakt. Ook wordt er veel gedaan aan de marketing. Er worden complete fotoshoots gehouden en er wordt een mooie catalogus uitgegeven. Ook houden fokkers bezichtigingsdagen. In zo’n catalogus staan van alle dieren de geboortedatum, stamboom, en eventueel de dekdatum en dekram bij drachtige ooien. Ook zet de fokker er vaak een korte beschrijving bij over het dier en de voorouders, waarbij er dan vooral wordt gestrooid met de aankoopbedragen van voorouders of nakomelingen. Hieronder staat een voorbeeld:

 

 

 

 

 

De dieren worden verkocht per Guinea. Dit is een oude Engelse munt van 21 shilling, dat is een bedrag van 1,05 pond, waardoor gelijk de veilingkosten in de prijs verwerkt zitten. In Noord-Ierland zijn er de laatste tijd veel export sales waarbij er gelijk transport is geregeld naar het Europese vasteland. Hierdoor kunnen wij als Nederlanders (online) ook dieren aankopen op deze veilingen. Sinds de Corona-epidemie is het online bieden erg opgekomen, onder andere door de app MartEye. Sommige fokkers vinden dit juist erg jammer omdat het sociale deel van de veiling daardoor achteruit gaat. De sales zijn namelijk voor veel (oudere) veehouders een uitje en manier om collega’s te ontmoeten.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Shows

Vaak is er ook een show voor de veiling. Die is vergelijkbaar met onze keuringen. Een aantal fokkers brengt 1 of meer dieren mee in de ring en daar worden de winnaars op rij gezet. De resultaten van deze show heeft natuurlijk invloed op de verkoopprijs op de veiling die er op volgt.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Een ooi op de show

Transport naar Europa

Als er op een export sale dieren verkocht worden naar Europa gaan deze naar een exportcentrum en vaak worden er dan nog wat extra dieren verzameld van andere sales en van rechtstreekse aankopen. Na een aantal dagen worden al deze dieren, na een inspectie door een dierenarts, tegelijk in een grote vrachtwagen geladen. Deze vrachtwagen gaat dan op de boot naar Frankrijk. Als ze in Frankrijk aankomen worden ze weer uitgeladen op een quarantaineplaats en na 24 uur rust mogen ze verder getransporteerd worden. Vaak worden de groepen daar gesplitst voor Noord en Zuid-Europa. Tegen de tijd dat de dieren in Nederland aankomen zijn ze vaak meer dan 48 uur onderweg. Vooral voor drachtige ooien kan dit best een risico zijn.

Aankomst in Nederland

Als een lid van het Suffolk Stamboek Nederland dieren importeert zijn er een aantal regels waaraan voldaan moet worden:

  1. De dieren moeten binnen 3 werkdagen na import gemeld worden bij de stamboekadministrateur. Overlegd dienen te worden:
    • Een origineel Zoötechnisch Certificaat, met tenminste 3 generaties van het betreffende dier, uitgegeven door het stamboek van het land van herkomst;
    • Intra documenten afgegeven in het land van herkomst;
    • Scrapiegenotypering van het betreffende dier;
    • Zwoegercertificering van het bedrijf van aankoop; controle op zwoegercertificering van het bedrijf van herkomst, wordt sterk geadviseerd.
    • Direct nadat het desbetreffende dier op de stallijst is aangevoerd, bloedonderzoek op Caseous Lymphadenitis (CL) laten doen en vervolgens met een tussentijd van 6 maanden de 2e CL bloedproef uit laten voeren. Dit onderzoek wordt uitgevoerd door een geaccrediteerd referentielaboratorium (bijvoorbeeld GD Deventer).
    • Bij drachtige ingevoerde ooien dient een dek-verklaring dan wel een kopie van het afstammingsbewijs van de vader van de te verwachten lammeren overlegd te worden.
  2. De stamboekadministrateur controleert de juistheid en volledigheid van de aangeleverde documenten en de identificatie van het dier. De stamboekadministrateur draagt zorg voor aanmelding van het dier in de I&R databank.
  3. Na akkoordbevinding van de documenten, worden de dieren onder de code I opgenomen in het hoofdstamboek.
  4. Als de originele stamboekbewijzen ontbreken of niet eenduidig aan het betreffende dier kunnen worden gekoppeld, bestaat de mogelijkheid om de dieren in het Hulpstamboek op te nemen, onder de voor het hulpstamboek geldende voorwaarden.
  5. De geïmporteerde dieren met de code I kunnen onder de code A in het hoofdstamboek opgenomen worden, indien 6 maanden na invoer een 2e bloedonderzoek is gedaan en daarbij geen CL-antistoffen zijn aangetoond. Tot die tijd worden de dieren in quarantaine gehouden.

Quarantaine

Omdat de dieren op een verzameltransport hebben gezeten is het advies om ze gelijk in volledige quarantaine te houden voor 6 maanden. Een volledige quarantaine houdt in:

  • Minimaal 4 meter afstand van andere dieren; liefst in een andere stal
  • Ander schoeisel en overall gebruiken bij deze dieren
  • Andere voerschep, kruiwagen en andere gebruiksvoorwerpen

Na afloop van deze 6 maanden moeten deze dieren dan weer getest worden op zwoeger/CL. Ook moeten eventuele lammeren getest op Scrapie-status omdat de vader meestal nog niet bekend is in het Scrapie programma.