De Suffolk, geschiedenis
Het ras Suffolk is ontstaan rond 1791 uit een kruising van de Southdown en de Norfolk horn . Dit vond met name plaats in Suffolk, een gebied aan de Zuid-Oostkant van Engeland, bij Bury St. Edmunds.
Eeuwenlang werden schapen gehouden voor hun vacht, en niet voor het vlees. Schapen werden geselecteerd op de kwaliteit van de wol. Er werden zelfs kuddes gehouden bestaand uit rammen, die jaarlijks geschoren werden maar verder geen doel dienden. De wol werd verkocht voor de productie van stof, kleding en tapijten. Verder werd het vet van de huid gebruikt om kaarsen van te maken.
In de 17de en 18de eeuw groeiden de steden en de bevolking, en werd de productie van vlees veel belangrijker. Er werd meer gefokt op vleeskenmerken en minder op wolkenmerken. Er werden rassen ontwikkeld die Down-rassen worden genoemd. De Soutdown, de Hampshire Down, en de Suffolk. Deze rassen werden en worden veel gebruikt als slachtlam vader dier. Daarbij worden ooien van rassen die zelf minder vleestypisch zijn, maar het beter doen op de uitgestrekte hooglanden in Engeland, en goed bestand zijn tegen weer en wind en koude, ingekruist met een Suffolkram. De snelle groei en de bevleesdheid van de lammeren zorgen voor lammeren met hoge waarde voor de vleesproductie. Van de downrassen is de Suffolk het meest succesvolle schaap en wordt wereldwijd op grote schaal ingezet. Tussen 1900 en 1960 was de Suffolk onder de schapen de succesvolste vleesproducent ter wereld.
In 1886 werd de Suffolk Sheep Society opgericht in Engeland. In Nederland is het Suffolk stamboek opgericht 12 december 1989 als zelfstandige vereniging onder de Federatie van Buitenlandse Stamboekschapen. 27 juni 1990 is de vereniging zelfstandig geworden met de naam Schapenrasvereniging Suffolk S.R.V.S. Enkele jaren daarna is de naam gewijzigd in Suffolk Schapen Stamboek Nederland S.S.N. De registratie is al gestart in 1980 onder de F.B.S
Rasomschrijving:
Het suffolk schaap is een ruim ontwikkeld schaap van het vleestype. Het schaap heeft een krachtige verschijning met veel expressie. De kop en de poten zijn zwart behaard en de wol is roomwit. De edele kop is voorzien van lange oren en geplaatst op een middellange hals. De overgang van de hals naar de schouder is vast aangesloten met een schuine schouder, waardoor de kop hoog gedragen wordt. De rug is van voor naar achter recht en breed. De lendenen zijn breed en goed bespierd. Het licht hellende kruis vertoont een hoge staartinplant. Het beenwerk is vierkant onder het dier geplaatst. Ze hebben sterk beenwerk en harde hoeven. De achterbenen vertonen een duidelijke hak. De klauwen zijn kort en breed.
Verder is de suffolk een schaap met goede moedereigenschappen. Ze hebben een hoge melkproductie en een ruim bekken. De worpgrootte is gemiddeld 1,9. De suffolk is over het algemeen een rustig schaap.